open lasagne

Open lasagne met gerookte zalm, ricotta en pesto

Foto: @elidesc

Et voilà, nog een gerechtje uit de chalet: een open lasagne. Gemakkelijk te maken hier, want verse lasagnebladeren kan je overal vinden. Niet gemakkelijk te maken, omdat het wat effort vraagt om rondjes uit te steken. Frederic is niet content als dit op het menu staat, omdat hij de lasagne-rondjes-uitsteker-van-dienst is. Maar dankzij de talrijke lofuitingen achteraf, is dat meestal allemaal snel vergeten. Dus: een best wel feestelijk gerechtje waarmee je altijd kan scoren, en niet al te veel werk ik!

Open lasagne met gerookte zalm, ricotta en pesto (voor 4 personen, als voorgerecht)

  • 4 vellen verse lasagne
  • 2 pakjes gerookte zalm
  • 1 potje ricotta
  • 1 handvol walnoten
  • rasp van 1 citroen
  • 100 gr pijnboompitten
  • 2 bussels basilicum
  • 1 teentje look
  • 100 gr geraspte parmezaan
  • olijfolie

Meng de ricotta met grofgehakte walnoten, citroenrasp en breng op smaak met peper en zout.

Maak de pesto: rooster pijnboompitten in een anti-aanbakpan zonder vetstof, en blend met 3/4de van de basilicum, het teentje look, parmezaan en een gulp olijfolie.

Blend de rest van de basilicum met olijfolie, tot je een mooie groene basilicumolie hebt (tip: ik bewaar die altijd in een spuitflesje in de koeling. Door de koude gaat de olie stollen, waardoor de basilicum mooi bewaard blijft. Ik gebruik de olie dan om salades af te werken, of op tomaat-mozzarella. Om de olie snel terug vloeibaar te maken, hoef je het flesje slechts enkele seconden in de microgolf te zetten).

Snij rondjes uit de lasagnevellen (voor 4 personen heb je 12 ‘rondjes’ nodig) en kook ze gaar in gezouten water, ga voorzichtig te werk, en kook niet te veel bladeren tegelijkertijd. Laat uitlekken op een vochtige handdoek.

“Bouw” de lasagna in serveerringen: begin met een plakje lasagne, zalm, smeer daarop de ricotta, pesto, daarop bladje lasagna. Zo twee keer. Werk af met een toefje pesto, basilicumblaadje en de basilicumolie. 

limoncellomousse

Mousse van Limoncello

foto @elidesc

Mousse van Limoncello is één van de dessertjes die op ons menu in de chalet staan dit jaar. Ik vond het recept via Libelle Lekker, en het wordt hier goed gesmaakt! Een paar weken geleden was vriendin @elidesc op bezoek, en die nam uitgebreid de tijd om foto’s te nemen. Fijn, want daar vind ik hier amper tijd voor (en ik heb mijn deftige camera niet bij). Vandaar dat ik dus nog eens wat recepten kan posten, om te beginnen, deze mousse voor volwassenen! Let wel: er moet enorm veel opgeklopt worden, ik zou er niet aan beginnen zonder mijn trouwe KitchenAid.

Mousse van Limoncello  (voor 6 potjes)

  • 3 eieren
  • 1 citroen
  • 60 gr suiker
  • 4 gr gelatine
  • 1,5 dl slagroom
  • 1 el bloemsuiker
  • ongezouten pistachenootjes (of discobolletjes, ik had geen pistaches op dat moment)
  • 70 ml Limoncello

Splits de eieren. Rasp de schil van de citroen en pers ‘m vervolgens uit.

Klop de eidooiers met de kristalsuiker en de geraspte citroenschil tot een dikke witte massa. Laat de gelatine 5 minuten weken in koud water.

Verwarm het citroensap. Knijp de gelatine uit en los ‘m op in het warme citroensap. Laat een beetje afkoelen. Klop het citroensap door het eiermengsel.

Klop de eiwitten stijf. Klop in een andere kom de room stijf met de bloemsuiker. Meng de limoncello door het ei-citroenmengsel en spatel daarna eerst de slagroom en vervolgens het eiwitschuim door de massa. Verdeel het mengsel over glazen en laat 2 uur koelen.

Hak de pistachenootjes fijn. Werk de glaasjes af met pistaches.

cat 2

Restaurants in Sauze D’Oulx, deel 2: bovenop de berg

In Sauze D’Oulx kan je niet enkel in het stadje erg lekker eten, ook bovenop de berg in het skigebied zijn er ook resto’s die het vermelden waard zijn! Vreemd genoeg zijn we in het skigebied, buiten Sauze D’Oulx (Sestriere, Sansicario, Cesanna, Claviere of Montgenèvre) nog niet veel deftigs tegengekomen. Dan moet ik het meestal stellen met een panini of een stukske pizza…

Als je skilift naar boven neemt, kom je uit bij Sportinia, een soort van centraal plein in het skigebied. Je kan er in alle hoeken op het terras in’t zonneke zitten (indien de weersomstandigheden het toelaten, dat is ongeveer 65% kans van wel), en ook lekker eten bij Orso Bianco. Orso heeft een hamburgerkraam, een bar met snacks en grote koppen cappuccino en een sinds dit jaar gerestaureerd restaurantgedeelte. Mooi gedaan daar, en echte authentieke Piemontese keuken. Je kan er zowel in de bar als in het restaurant de beste lasagne bestellen, voor een luttele 8 euro! In het restaurant is de pasta met everzwijn-tomatensaus ook een aanrader. En je kan er verschillende soorten van mijn favoriete Italiaanse biertje Balladin krijgen. Must try!
IMG_4973
lasagne IMG_4805
IMG_4975
Vorig jaar was ik helemaal weg van Ciao Pais, een restaurant dat enkel bereikbaar is via de piste (of sneeuwscooter, 5 euro voor een enkele rit). Het is er nog steeds goed hoor, maar sinds de update van Orso Bianco is de prijs-kwaliteit daar wel beter. Desalniettemin kan je er wederom specialiteiten uit de Piemonte eten. Er is een geweldig terras, met een prachtige resident-kat, die zich graag laat aaien. Reden genoeg voor mij om er langs te gaan!
IMG_4986 IMG_4987

cat
En dan is er nog restaurant Naskira, beter bekend als Il Capricorno, dat zowaar een vermelding heeft in de Michelin-gids. Het is me begin dit jaar eindelijk gelukt om er eens te gaan eten, en ja, dat heeft wel iets. Helemaal ondergesneeuwd in mijn skikleren daar aankomen. Helm, jas en handschoenen afgeven, en vervolgens gaan zitten en een propere witte stoffen serviette over je schoot gevouwen krijgen. Ik at er vitello tonnato (met heerlijk versgebakken brood bij) en daarna piepkuiken met gegrilde paprika. Wegens de sneeuwcondities lieten we wijn achterwege, en sloten we af met een geweldige cappuccino. Het was lekker, maar met elk 50 euro lichter, was het best wel een prijzige lunch. Niet voor elke dag!
IMG_4979
IMG_4810 IMG_4813 IMG_4814
In de drie juist vernoemde restaurants kan je trouwens ook overnachten. Wederom prijzig, maar lijkt me wel speciaal!

Onlangs hebben we ook nog een goede pizzeria ontdekt: Cicci’s House. Het bevindt zich aan het tussenstation (Sarnas) van onze skilift in Jouvenceaux, en dat stukje is dit seizoen nog maar sinds enkele weken bereikbaar. Die mensen zullen nog geen goede zaken gedaan hebben dit jaar. Reden te meer om er eens een verse houtovenpizza voor een luttele 7 euro te gaan eten! Je kan er ook een bordje samenstellen met antipasti, dat staat nog op mijn to do lijstje!
2015-02-05 12.21.54
7 euro voor een versgebakken houtovenpizza, bovenop de berg. Only in Italy!

Omdat we niet elke middag uitgebreid willen lunchen, belanden we meestal bij La Sosta voor een panini, of ‘Bij den Blacky’, zo genoemd door mijn vriend omdat er ooit eens een zwarte hond zat :-D, tja… Lekkere broodjes daar met Italiaanse specialiteiten, even opgewarmd tussen de panini-grill. En daarbij, jaja alweer, een lekkere cappuccino! Er is trouwens meestal ook plek op het terras daar, wat je niet van alle bars kan zeggen…
2014-03-20 15.06.11
Den Blacky…

Tenslotte ook nog een eervolle vermelding voor Capanna Mollino, van dezelfde eigenaar als La Fontaine. ‘s Middags zitten er meestal de groepen van Club Med, waardoor het restaurant niet toegankelijk is. Maar het is er heerlijk vertoeven op het terras, of in ‘het glazen huis’ onderaan, waar altijd het haardvuur brandt, en je Black Angus-vlees hamburgers kan krijgen.
IMG_4983

auberginecurry

Dagen zonder vlees: curry met aubergine en pompoen

Yes, ik houd het al 5 dagen vol! Het is wel niet makkelijk, het valt me op hoeveel ik onbewust in mijn mond steek als ik in de keuken sta. Na het ontbijt sta ik dan de bordjes waar de charcuterie op ligt op te ruimen, restjes gaan dan in plastiekfolie, en dan blijft daar vaak nog een restje van bijv. parmaham over… Normaal steek ik dat dan in mijn mond. Of een stukje gerookte zalm, dat soort dingen. Zonet heb ik nog 4 kg vlees staan te versnijden voor stoofvlees, daar kan je natuurlijk makkelijker afblijven!

Naast een flinke portie stoofvlees voor 17 man, maakte ik vandaag ook nog een vegetarische curry klaar voor 2 gasten en Fre en mezelf. Ik vond het op de geweldige blog The Bojon Gourmet (via Pinterest uiteraard, waar ik trouwens een heel deel ‘dagen zonder vlees’-recepten verzameld heb). Ik voegde zelf nog pompoen toe aan het recept, en helaas vind je hier in Italië niet al te veel specerijen, kardemom, forget it! Ik deed het dus met wat ik hier kon vinden in de Alpencarrefour, en het was ook geweldig lekker, en dus gemakkelijker!

Here we go!

Curry met aubergine en pompoen (voor 4 pers)

  • 400 gr blokjes pompoen
  • 1 grote of 2 kleine aubergines
  • 1 grote ui
  • 1 teentje look
  • boter
  • 2 tomaten
  • 1 blik tomatenblokjes
  • 1 blik kokosmelk
  • enkele kerstomaatjes
  • rasp en sap van 1/2 citroen
  • 250 ml yoghurt
  • enkele blaadjes munt of koriander
  • gekookte rijst (ik gebruikte meergranen, basmati of jasmijn kan natuurlijk ook)
  • 1 el currypoeder
  • 1 th lepel cayennepeper
  • 1/2 th lepel muskaatnoot
  • 1/2 th lepel kaneel
  • 1 th lepel venkelzaadjes
  • 1 th lepel korianderzaadjes
  • peper en zout
  • krokante uitjes om af te werken

Snij de aubergine en pompoen in gelijke blokjes. Leg bakpapier op een ovenplaat, en schik hier de stukjes groente op. Kruid met peper en zout, en overgiet royaal met olijfolie. Zet ongeveer 20 minuten in een oven van 180 graden.

Snij de ajuin en tomaten in fijne blokjes. Smelt een klontje boter in een grote stoofpot (bijv. een Creuset), en laat de ajuin hier 10 à 15 minuutjes in zweten. Voeg ook de koriander- en venkelzaadjes toe, en knijp er een teentje look in uit. Als de ui mooi glazig is, voeg de curry en cayennepeper toe, en de aubergine en pompoen, laat even meestoven.

Voeg dan de kokosmelk toe, en vul het blik nog eens met water, en voeg dat ook toe. Dan de gesneden tomaten en het blik tomaten. Voeg kaneel en muskaatnoot toe, en kruid af met peper en zout. Laat nu maar rustig sudderen, een half uurtje ongeveer.

Meng de yoghurt met citroenrasp en -sap, hak wat muntblaadjes fijn, en kruid met peper en zout.

Kook de rijst gaar. Proef of de curry op smaak is, en kruid eventueel nog wat af. Serveer de rijst met de curry, en werk af met een kwak yoghurt, fijngehakte munt of koriander en krokante uitjes.

PS: jammer van de slechte foto. Helaas niet veel tijd hier om er mijn werk van te maken, en ook al niet de juiste camera mee…

79a601b4ab8511e3bea50e8800b15b11_8

Foodie-gids voor Sauze D’Oulx: deel 1, het stadje

Wie mij kent of deze blog een beetje volgt, weet dat ik voor het tweede jaar op rij voor een winterseizoen in Italië zit. In het pittoreske Alpendorpje Sauze D’Oulx. Eigenlijk zitten we in een klein deelgemeente’ke iets onder Sauze D’Oulx, genaamd Jouvenceaux. Het klinkt allemaal zeer Frans, en da’s omdat we vlakbij de Franse grens zitten, maar het is hier desalniettemin allemaal zeer Italiaans.

En ja hoor, we zijn hier echt wel een beetje ons hartje verloren: die prachtige zichten op de Alpen, de schattige huisjes, de Italiaanse sfeer, en natuurlijk ook: de Italiaanse restaurantjes! Sauze D’Oulx is echt een pareltje, en steekt fel af tegen al die Franse betonblok-oorden. Ook het skigebied, Via Lattea (de melkweg), biedt enorm veel mogelijkheden, er zijn drie liften die vanuit het dorp vertrekken (eat that Oostenrijk).

En wat ook goed nieuws is, alles is hier nog zeer betaalbaar! Een gewone, maar meestal voortreffelijke, fles wijn op restaurant kost 8 à 12 euro. Voor pakweg een Barolo betaal je 35 euro, maar dat is het dan ook echt waard! En qua eten ben je helemaal goed af: Italianen eten graag copieuze maaltijden, dat begint dan met antipasti, een primo (pasta, risotto, gnocchi) en secundo (een groot stuk vlees met gegrilde groenten en soms ook nog aardappelen). En natuurlijk een dolce om af te sluiten, meestal nog gevolgd door een limoncello of grappa. Wij krijgen dat zelf niet allemaal op, en als je dus voor een simpel pasta’ke alleen gaat, ben je maar 8 à 10 euro kwijt. Een groot stuk vlees kost rond de 20 euro. En uiteraard allemaal van voortreffelijke kwaliteit.

Fin, overtuigd om ook eens in Sauze D’Oulx te gaan skiën (of te komen wandelen in de zomer), dan moet je zeker eens langsgaan bij deze restaurantjes (en zeggen dat ik je gestuurd heb, dan krijg je waarschijnlijk nog korting, ik zwans niet!).

In het kleine dorpje Jouvenceaux zijn er maar 2 restaurantjes: Etoile Des Neiges (naast het kerkje) en La Fontaine. Bij het eerste moet je voor pizza zijn, zonder twijfel de beste in de omgeving (zolang je geen pizza met frieten en zwanworstjes bestelt, wtf?). La Fontaine ligt vlak aan de skilift, en heeft een geweldig terras om overdag te genieten van’t zonneke met een wijntje erbij. Ze serveren er fantastische antipasti plateau’s, en je kan er geweldig lekker vlees eten, van de houtskoolgrill. Dinosaurussteak iemand?
fontaine
1741194_205775462950846_598688097_n
In Sauze D’Oulx valt er heel wat meer te beleven, en zo hebben we daar ook onze favorieten. De lekkerste koffie serveren ze bij Gally, de ‘pasticceria’: een schattig winkeltje bomvol huisgemaakte zoetigheden, waar je aan de toog of tafeltje kan genieten van een geweldige cappuccino met een gebakske erbij. Een must op zondag voor ons!
2013-12-07 12.38.05 2013-12-07 12.47.51 Ons ‘stamcafé’ is Caffe Della Seggovia. Een hippe plek, zij het in Alpen-stijl, waar het altijd leuk vertoeven is. Overdag kan je er terecht voor koffie en een lekkere lunch: kraakverse broodjes, salades, hamburgers of mijn favoriet: tagliere, allemaal aanraders! Tagliere wilt letterlijk zeggen ‘gesneden’ in het Italiaans, en het is een rustieke plank bomvol Italiaanse charcuterie en kazen, met lekker brood en wat salade erbij. Echt top. Een tip: bestel altijd voor minder personen dan je gezelschap groot is, want anders krijg je ’t echt niet op. Je kan er natuurlijk ook terecht voor de après-ski, bijvoorbeeld om er een geweldig Italiaans biertje te proeven: Baladdin. De ‘Isaac’ die ze op tap hebben is echt één van mijn favoriete bieren. Je krijgt er ook steevast een hapje bij geserveerd. Meer zelfs, rond half 6 wordt er een heel gamma aan hapjes op de toog uitgestald, waar je vrij van kan proeven. En ik ga niet ontkennen dat wij daar al vaak flink ons buikje gevuld hebben, zodat we ’s avonds niet meer moesten eten. En ’s avonds kan je er ook altijd terecht, voor geweldige cocktails. Sinds dit jaar hebben ze daar speciaal een barman voor aangenomen, Francesco (kleine crush… oei, mijn verloofde leest mee!). Vraag hem zeker om eens een amaretto sour te maken, echt top! Of vraag de specifieke cocktailkaart. En uiteraard kennen ze hun gin tonics ook daar! Alleen jammer van de grote tv’s die er hangen, en dag en nacht MTV uitzenden (zonder geluid). Voorts is de muziek er meestal erg goed.
IMG_4952
IMG_4951

1739547_371018976374645_35835541_n 1517271_768451866517276_1299467479_n 10881991_717780095001792_1653291761_n
Na de koffie en de bar, moet er natuurlijk ook nog gegeten worden (tenzij je aan de bar van Seggovia bent blijven hangen), en daarvoor belanden wij meestal bij L’Ortiché. De Britse eigenares, Jill, is echt de perfecte gastvrouw. Altijd vriendelijk en steeds bereid tot een klapke. De ober is ook een hele sympathieke gast, en hij heeft iets met zout! Als je daar de signature dish tagliata bestelt (weer ‘gesneden’, maar heerlijke reepjes bleu gebakken black angus deze keer), krijg je er een heel schoteltje met allerlei verschillende soorten zout erbij, echt speciaal. We hebben voor de ober zelfs zeezout uit Bali meegenomen, hij was er heel blij mee! Uitstekend vlees dus daar, en ook wederom geweldige wijnen. Afsluiten doen we meestal met een dessertje (de pavlova en Jill’s apple cake zijn heel lekker) en altijd met een huisgemaakte limoncello, geserveerd in een bevroren glas.
IMG_4950
1515605_348791315258754_1167547710_n
Je ziet, heel wat culinaire ontdekkingen te doen in Sauze, en dan ben je nog niet bovenop de berg geweest! Meer daarover in een volgende blogpost…

melanzaneparmigiane

Dagen zonder vlees vanuit Italië: melanzane parmigiana

Ja hoor, ook dit jaar doe ik weer mee aan Dagen Zonder Vlees, en ik ben niet de enige blijkbaar, fantastisch!

Ik sta hier zes dagen op zeven te koken voor gemiddeld 20 man, en er staat heel wat vlees en vis op het menu, en ja, meestal eten mijn vriend en ik ook gewoon wat er op het menu staat. Het wordt dus een ware uitdaging voor mij! Voor de enkele ‘ambetante’ vegetariër die meestal in de groep zit, zal ik dus mijn beste beentje voorzetten, wat ik anders ook doe hoor (ambetant, gewoon, omdat dat meestal weer een extra pot en pan is om af te wassen).

Maar een vaste waarde op ons menu dit jaar is ‘melanzane parmigiana': een torentje van gegrilde aubergines met tomaat en mozzarella in de oven, afgetopt met parmezaanse kaas. Steeds een succesnummer, 100% vegetarisch (geen carnivore haan die ernaar kraait!), en nog een klein geheimpje: het is echt supersimpel en geen werk om te maken, aha!

Melanzane parmigiana (voor 4 personen, als voorgerecht, als hoofdgerecht best hoeveelheden verdubbelen)

  • 2 grote aubergines, in 12 gelijke plakken gesneden
  • 2 grote tomaten, in 8 gelijke plakjes gesneden
  • 2 bollen buffelmozzarella (we don’t settle for less… weg met Galbani-rubber!), ook in 8 gelijke plakjes gesneden
  • 8 blaadjes basilicum (ge ziet, wij staan hier serieus te tellen als’t voor 20 man is…)
  • 1 brik passata (investeer in een duurdere, ‘t is het waard)
  • 1 handvol pijnboompitten of walnoten
  • blikje zwarte ontpitte olijven
  • gedroogde Italiaanse kruiden
  • handjevol geraspte parmezaanse kaas
  • goede olijfolie om af te werken

Bereiding

Kruid de plakken aubergine met peper en zout, en grill ze zonder enige vetstof in een grillpan (grilltips nodig? vind je in deze blogpost). De laatste 4 plakjes die bovenaan het torentje gaan komen, ‘quadrilleren’ we altijd, het oog wil ook wat!

Neem vier ovenvaste schaaltjes, en doe daar een ‘kwak’ passata in. Kruid met de Italiaanse kruiden. Begin aan het torentje: Eerst een plakje aubergine, dan een schijfje tomaat, mozzarella, blaadje basilicum, een klein beetje passata, en weer aubergine, tomaat, mozzarella, basilicum, passata en het plakje aubergine met ruitjes om af te sluiten. Strooi wat olijfjes en pijnboompitten rondom, top af met geraspte parmezaan en wat olijfolie. Wij steken altijd een tandenstoker in de torentjes, zodat ze mooi recht blijven staan, en halen het er dan weer uit voor het serveren.

Zet 15 min in een oven van 180 graden, of 10 minuutjes onder de grill. Serveer met lekker brood om alle tomatensaus op te soppen.

Bar Chine - 02

Bar Chine: nieuw Aziatisch zusje in town!

Ik was eind november – begin december voor heel eventjes weer in België, dus veel tijd om nieuwe adresjes te testen was er niet. Ik had een voortreffelijke lunch bij Món, uitgebreid verslag te vinden bij elidesc.com. Maar wat nog leuker was, was dat net in die periode ‘Bar Chine’, het kleine zusje van restaurant Cuichine in de Zurenborgwijk in Antwerpen, opende.

Ik kreeg een uitnodiging voor de officiële openingsavond, waar ik net kon bijzijn (de dag voor ons vertrek naar Italië), maar de bar was eigenlijk al stilletjes open gegaan. Ik was erg nieuwsgierig, dus belandde ik er de zaterdag ervoor al. Bar Chine bevindt zich in het pand waar vroeger eetcafé Vertigo was gevestigd, een plek waar ik ook graag kwam. Nu moet ik toegeven dat Vertigo de laatste jaren wat van zijn charme verloren had, en is het dus erg fijn dat er hier een nieuwe frisse wind uit het Oosten waait met Bar Chine.

Om kennis te maken met de bar, wordt mijn gezelschap en mij aangeraden om met de ‘Blushing Dragon’ te beginnen, een cocktail speciaal voor de bar ontworpen door mixmaster Manuel Wouters. Een frisse cocktail met Oosters tintje, op basis van cava, met daarbij litchisiroop en roos. Jummie!
Bar Chine - 04
Op het menu zien we naast de betere Belgische bieren, wijnen ook enkele Aziatische klassiekers prijken, waaronder saké. Bij Oud Sluis genoot ik ooit eens van een geweldige junmai sake, en dus moest die nu zeker ook besteld worden! Volledig begrijpelijk was de keuken al dicht toen wij daar na 22u kwamen binnenvallen op een zaterdag, en konden we enkel nog late-night snacken op pikante kroepoekchips met wasabimayonaise, ook lekker!
Bar Chine - 05
Maar twee dagen later klopte ik opnieuw aan voor de officiële opening, en dan heb ik uitgebreid kunnen proeven van het vele lekkere ‘fingerfood’ dat op het menu staat. Passeren de revue: wontons met garnalen en kippengehakt, porkpuffs, kipsatétjes, een hapje met makreel, eentje met gelakt buikspek, en meteen gelanceerd als absolute favoriet: kimchi dogs! Echt geweldig lekker!

Bar Chine - 06 Bar Chine - 08 Bar Chine - 11 Bar Chine - 03
Foto Kimchi dog: Piet De Kersgieter
De barman herinnert zich mijn eerder bezoek, en bombardeert mij tot proefpersoon om alle cocktails op de kaart uit te proberen, hallo! En ook: yes please! Na opnieuw te starten met een Blushing Dragon, mag ik ook de Wasabi Sour proeven: amaretto, bourbon, wasabi, citroensap en eiwit. Echt geweldig! En dan volgt ook nog de spicy dragon met gin, chai kruiden en braambes. Een echte winterse fusion cocktail. Niets dan lof dus, over dit nieuwe project van de gelauwerde Cuichine.
Bar Chine - 01
Foto: Piet De Kersgieter
Bar Chine - 07 Bar Chine - 09 Bar Chine - 10
Passeer daar dus snel, voor een geweldig vleugje modern Azië. En om eerlijk te zijn: in 6 maanden in Azië zelf ben ik nooit in zo’n fijne bar beland!

Bar Chine
Draakplaats 3
2018 Antwerpen

Laatste import - 1

Gnocchi met spek, tomaat en mozzarella

Dit is wederom Comfort Food met grote CF. Voorgemaakte gnocchi vind je hier in Italië voor een prikje in de supermarkt, maar ik heb het ook al bij Delhaize zien liggen. Inspiratie haalde ik ook weer van de fijne kookblog Simply Delicious. Gewoon eens kijken wat Pinterest allemaal te bieden heeft als je ‘gnocchi’ inttikt, en dan kom je snel bij de lekkerste gerechten terecht.

Vorig jaar in onze chalet maakten we een heel eenvoudig recept met gnocchi klaar: gnocchi gaar koken, en ondertussen wat boter laten smelten, enkele teentjes look erbij persen, heel veel peper en zout, salie in reepjes, onder de gnocchi mengen en afwerken met versgeraspte parmezaan. ‘t Leven kan zalig eenvoudig zijn in Italië!

Maar deze keer had ik eens zin in iets anders (en iets met groentjes!), en werd het dus deze! Dank trouwens aan Walter Divini voor de schone foto’s!

Gnocchi met spek, tomaat en mozzarella (nodig voor 2 à 3 personen)

Laatste import - 2

  • 500 gr voorgemaakte gnocchi
  • 200 gr spekblokjes
  • 1 dikke bol (buffel)mozzarella
  • 1 blik tomaten in blokjes
  • 3 el yoghurt
  • een bakje kerstomaatjes
  • 1 el tomatenconcentraat
  • 1 th lepel gerookte paprika
  • 1 teentje look
  • peper en zout, as always
  • 1 th lepel suiker
  • vers gehakte peterselie (had ik niet in huis)

Zet een grote pot gezouten water op en breng aan de kook. Halveer de kerstomaatjes.

Bak het spek in een pan zonder vetstof tot het mooi krokant is (handigste om in een wok te maken). Voeg dan het gerookte paprikapoeder en een geperst teentje knoflook toe. Voeg dan tomatenpuree toe, roer goed, het blik tomaten, suiker en de kerstomaatjes. Kruid met peper en zout en laat 5 minuutjes pruttelen.

Kook de gnocchi. Als ze gaar zijn, komen ze bovendrijven. Haal ze met een schuimspaan uit het water en laat uitlekken. Verwarm de oven voor op 180 graden.

Haal de pot met de saus van het vuur, en voeg de yoghurt, fijngehakte peterselie toe en de gnocchi. Giet het mengsel in een ovenschaal en doe er plakjes mozzarella op. Zet 15 minuten in de oven, en eventueel nog even onder de grill voor een korstje. Smullen!

bangers & mash

Een round-up met Bangers & Mash

Voor wie niet zo goed meer mee is met mijn blog, ik begrijp het! Het ene moment schrijf ik over Thailand, dan weer over grillpannen, over sneeuw in de Italiaanse Alpen en tenslotte ook nog over wat je best in je rugzak steekt als je 6 maanden naar Azië gaat

Daarom even een kleine round-up over dat vreemde leven van mij:

Eind 2013 besloten mijn vriend en ik om een sabatical te nemen, en eerst 4,5 maanden in Italië in een skichalet te gaan wonen en werken, dan vliegtuig op richting Zuid-Oost Azië voor een grote droomreis, einde voorzien eind november 2014. Je kan er hier alles over lezen. Het werken in wonen in Italië beviel ons zo goed, dat we terstond besloten om er nog een seizoen aan te breien. Gevolg: Ik moest er mijn job bij VTM Koken voor opzeggen. Jammer, dat wel, maar na heel dit avontuur besef ik ook wel dat ik aan wat anders toe ben. Er zijn zelfs al zeer concrete plannen! Plannen waar ik nu nog niet veel over kan vertellen, maar je kan er vanop aan dat het iets met lekker eten te maken heeft! To be continued…

Maar dus tot half april zit ik samen met Frederic weer in het charmante Italiaanse bergdorpje Sauze d’Oulx. We baten een chalet uit, waar we meestal wekelijks een Britse, Vlaamse of Nederlandse groep ontvangen van gemiddeld 20 personen. We maken eens per week de bedden voor hen op en kuisen de kamers, en zorgen dan elke dag voor een gevarieerd ontbijt en ‘s avonds voor een après-ski snack, voor-, hoofd- en nagerecht. En dat 7 dagen per week, enkel één keer per week koken we niet ‘s avonds, en gaan de mensen uit eten en wij meestal ook! Het is hard werken (dat mag wel na 6,5 maanden van zalig nietsdoen hoor ik je denken), maar er is gelukkig ook nog tijd om te gaan skiën of snowboarden in mijn geval. Van 40 graden in Thailand naar -10 in de Italiaanse Alpen, zo gaat dat dan!

antipasti
Antipasti in onze chalet
viva italia
Italiaanse shotjes

“En ga je hierna dan weer 6 maanden op reis?” – vragen veel mensen ons dan. We wish! Maar helaas, nee, ‘dat kan den bruine niet blijven trekken’. We komen dus terug naar België, half april!

Na 2,5 weken er terug invliegen en hard werken (met Kerst- en Nieuwjaarsdiners, oliebollen voor onze Noorderburen en feestende landgenoten) hebben we nu weer enkele dagen rust, het komt al van pas! Tijd om een eenvoudige maaltijd te maken, echt comfort food na een dagje glijden! En hier in Italië kan je heerlijke worstjes vinden, ideaal dus voor één van mijn favoriete Britse klassiekers: Bangers & Mash. Ze kunnen het toch zoveel mooier verwoorden dan wij hé: “stoemp mè weust”. Waar het woord ‘bangers’, i.p.v. sausages vandaan komt? Ik ben het eens voor u gaan opzoeken, en blijkt dat ze tijdens de Tweede Wereldoorlog, bij gebrek aan deftig vlees, de worstjes aanlengden met water in het gehakt. Door ze te bakken ontploften de worstjes door dat vele water erin in de pan, en zo kwamen ze bij bangers! Inspiratie voor het recept vond ik op kookblog Simply Delicious. 

Bangers & Mash
bangers & mash

Nodig voor 4 personen

  • 500 gr lekkere chipolataworst
  • 1 kg bloemige aardappelen
  • een klont boter
  • olijfolie
  • peper, zout en nootmuskaat
  • een scheut melk
  • 6 dikke rode uien
  • 2 el balsamico-azijn
  • 2 el bruine suiker
  • 2 el bloem
  • 500 ml runderbouillon (water opkoken met een bouillonblokje erbij is goed hoor)
  • iets van groen
  • enkele salieblaadjes, als ge dat hebt (ik had dat dus niet)

Bereiding

Schil de uien, snij ze overlangs door en snij in plakjes. Doe wat olijfolie in een pan, en laat de uien op een heel zacht vuurtje mooi zoet en zacht worden. Dat duurt ongeveer 20 minuten.

Ondertussen kan je de aardappelen schillen, in gelijke stukken snijden en aan de kook brengen. ‘t Is al tijd voor een pauzeke, want nu moet je even wachten tot de uien en aardappelen goed zijn!

Doe de bloem in de pan en roer goed. Je moet snel zijn, want het kan snel aanbakken zo! Voeg balsamico en bruine suiker toe, roer goed, en voeg dan de bouillon toe. Meng alles goed onder mekaar, en zet weer op een zacht vuurtje.

Smelt een klontje boter in de pan, en bak de worstjes. Chipolata’s zijn vrij vettig, dus er zal wel wat vet vrijkomen. In dat vet kan je enkele salieblaadjes mooi krokant bakken.

Giet de aardappelen af als ze mooi zacht zijn, en stamp fijn met een flinke klont boter en een scheut melk bij. Je kan ook een eierdooier toevoegen, maar het gerecht is op zich stevig genoeg. Ik voeg net melk toe om een beetje een lopende puree te krijgen. En natuurlijk afkruiden met peper, zout en muskaatnoot. Ik gebruik ook altijd even een klopper om de puree mooi luchtig te maken.

Serveer de puree met de ajuinensaus en de worstjes. En werk af met een blaadje groen om jezelf het gevoel te geven dat je toch iets van groente eet…

Freetje in Hoi An

Wat neem je mee als je (6 maanden) op reis gaat naar Zuid-Oost Azië?

Niet veel! Laat dat tip 1 zijn. Iedereen maakt de fout, wij ook. Ik had veel te veel gerief bij in mijn backpack, Fre wat minder, maar die stakker moest dan natuurlijk ook wat van mijn gerief dragen! Tot in Bali hebben wij lopen sleuren met veel te veel spullen, gelukkig kwamen onze ouders dan, en hebben we een volledige valies terug mee naar huis kunnen geven. Als richtlijn zeggen ze vaak maximum 1/5de van je gewicht, maar eigenlijk is dat ook al echt veel om constant mee te moeten sleuren. Als je 10 à 12 kg in je grote rugzak hebt zitten, zit je echt goed. Wat de rugzak zelf betreft, ik had er een paar jaar oude van Decathlon, Frederic een nieuwe dure van Gregory. Beiden hebben eigenlijk goed dienst gedaan. Als je niet van plan bent om lange trektochten met de grote rugzak te doen, volstaat een van Decathlon me dunkt.

Wij hebben trouwens nooit trektochten gedaan met die grote rugzak hoor, daarvoor hadden we een dagrugzak. Maar je zou er toch van verschieten hoe vaak je met die grote rugzak loopt te zeulen (bus in, bus uit, op zoek naar een guesthouse, 4 verdiepingen trappen op, enz…). Voor de reis dacht ik dat het praktisch zou zijn om een stevige messenger bag te hebben, omdat dat nog relatief makkelijk draagt in combinatie met je grote rugzak (tegenover een rugzak vanvoor te moeten dragen). Mijn laptop kon daar dan ook in. Maar al snel bleek dat dat veel te zwaar was, en je helemaal uit evenwicht bracht. Messenger bag ging dus ook terug naar huis na Bali. Ik had daarnaast ook nog een klein opvouwbaar rugzakje voor dagtochten, maar die bleek dan weer te compact te zijn als we er wat langer op uittrokken (bijv. Thakek Motorcycle Loop). Ik zocht een nieuwe online, en liet die dan weer meebrengen naar Bali. Stevige en praktische rugzak van Gregory (Jade 24), en ook ergnonomisch. Aanrader! Alleen jammer dat die dingen zo snel vuil worden, weinig aan te doen… Frederic die liep 6 maanden rond met een oude rugzak van Jansport waar heel veel inpaste, geen klachten gehoord van hem!
OLYMPUS DIGITAL CAMERA
De messenger bag van The North Face die toch niet zo handig bleek te zijn. 
backpacking asia - 05
Een oude rugzak van Jansport die 6 maanden goed dienst deed. 
backpacking asia - 08
Backpacken, da’s heel de tijd sleuren met je rugzak…
OLYMPUS DIGITAL CAMERA
En de nieuwe rugzak van Gregory!

In Zuid-Oost Azië is het erg veilig, dus verborgen moneybelts e.d. zijn echt niet nodig. Frederic stak gsm en portefeuille gewoon in zijn broekzak, ik had eerst een buideltasje van Eastpak (toegegeven, een beetje jaren 2000), en in Maleisië vond ik een nieuwe kleine handtas waar net portefeuille, gsm en Kindle in pasten. Voor onze camera hadden we een soort van ‘wrap’, maar als we op stap gingen, hing die meestal gewoon rond.
OLYMPUS DIGITAL CAMERA
Een klein heuptasje… Handig maar so 2000!
backpacking asia - 16
Het nieuwe praktische handtasje
OLYMPUS DIGITAL CAMERA
In Zuid-Oost Azië hoef je je geen zorgen te maken over pikkendieven, behalve misschien deze!

Over die Kindle gesproken trouwens, waren wij content dat we die meehadden! We hebben elks meer dan 30 boeken gelezen, stel je voor dat je die altijd zou liggen meesleuren. Ok, in vele hostels en guesthouses kan je wel boeken wisselen, maar echt veel soeps zat daar nooit niet tussen. En met je Kindle kan je natuurlijk elk boek kiezen. Ook onze Rough Guides en Lonely Planets zetten we steevast op de Kindle. Het is even wennen om dingen op te zoeken, maar dat ben je snel gewend. Wij hadden enkel nog een echte Rough Guide mee van heel Zuid-Oost Azië, maar vrij beknopt dus, zodat we steeds nog de reisgids van het land bijkochten op Kindle. Zo’n boek is trouwens wel handig voor de kaarten (in tegenstelling tot Kindle, of een andere e-reader eh).
kindle

Muggenspullen! Een geliefd onderwerp bij backpackers onder mekaar: praten over malaria en preventie. Voor we op reis vertrokken, zijn we uiteraard bij het Tropisch Instituut langsgeweest. en de dokter raadde ons (gelukkig!) aan om geen preventieve malariapillen te nemen. Het zou ons handenvol geld gekost hebben, en het ding is ook dat muggen resistent worden tegen al die medicatie. We hadden enkel een noodkit mee. Ik kan nogal sterk allergisch reageren op (muggen)beten dus ik kreeg ook een cortizonezalf, ‘k heb ‘m af en toe moeten gebruiken. Verder moet je uiteraard zorgen dat je zo weinig mogelijk gestoken wordt door muggen, maar ’t is ook echt onvermijdelijk. Vanuit België hadden we muggenmelk met 50% deet mee. Op een bepaald moment is één van die flesjes uitgelopen, en had door heel wat strips van pillekes doorgebeten. Wat een vergif is me dat seg. Om dat 6 maanden op je lijf te smeren, nee bedankt! We schakelden dan maar over naar lokale producten, met 20% deet, en dat was ook wel goed, gewoon genoeg smeren. Zo’n muggennet hadden we ook mee, en ik zeg het je: koop dat niet! Wij hebben er 6 maanden mee rondgezeuld (ok, toegegeven, Frederic toch), en het welgeteld 1 keer gebruikt. Het ding is gewoon dat je dat nergens kan ophangen! Dan ben je veel beter af met zo’n klein muggenapparaatje met tabletjes (trouwens ook te koop in de meeste landen).

Uiteraard hadden we ook een reisapotheek mee, gelukkig niet vaak nodig gehad. Buiten de typische dingen (kan je trouwens ook overal vinden), was toch vooral immodium onze goede vriend. Van de dokter van het tropisch instituut kregen we ook antibiotica tegen ernstige buikloop mee (Azithromycline), en we hebben dat toch enkele keren goed kunnen gebruiken: met 1 pil ben je er meestal van af (is niet zoals de typische antibiotica die je helemaal moet uitnemen). Nog een tip trouwens voor je reisapotheek: koop daar een stevig doosje voor (bijv. een brooddoos). Ik had alle strips (soms met bijsluiter omgetapet met washi-tape) in een soort van toilettasje gedaan, maar na een tijdje gingen al die blisterverpakkingen kapot, en lagen er overal verschillende pilletjes in het tasje, stom!

Nog wat praktische zaken:

Drybag: klein zakje waar je waardevolle spullen zoals gsm en portefeuille in kan bewaren als je bijv. gaat kayakken of waterval bezoeken (of een moesson tegenkomt). Overal in Azië verkopen ze ook van die vrachtwagen-bache modelletjes, maar wij hadden een veel compacter exemplaar bij A.S. Adventure gevonden. Je kan niet geloven hoe vaak dat van pas is gekomen!

Zakmes: een beetje voor de hand liggend, maar toch!

Zaklamp: ook een vanzelfsprekende, maar toch onmisbaar. Ga voor een hoofdlamp genre Petzl.
OLYMPUS DIGITAL CAMERA
Koplamp, komt altijd van pas, bijvoorbeeld om in grotten te zwemmen!

Slotje: om je rugzak ergens aan te kunnen vasthangen. Wij hadden een cijferslot met een lange uitrekbare stevige ijzerdraad, handig!

Washitape: klinkt misschien onbelangrijk, maar hoe vaak dat dat rolletje plakband van pas is gekomen! Om Frederic’s scheerapparaat terug aan mekaar vast te plakken, om een briefje op een deur achter te laten, enz..

Zijden slaapzakje: een supercompacte slaapzak als je ergens moet slapen waar het niet al te proper is (of bijv. op trekking), ’t komt echt wel regelmatig voor! Zijde is echt wel aan te raden omdat het zo snikheet is overal! In Vietnam, in Hoi An, hebben we ook gezien dat ze ze verkopen. Ons exemplaar kwam trouwens van Decathlon en kostte maar 12,5 euro.

Linnenzak: overal waar wij geweest zijn konden we meestal voor een prikje onze was laten doen, echt fantastisch! Een grote linnenzak om al je vuile spullen af te geven, en ten laatste de volgende dag krijg je alles proper, netjes opgevouwen en soms zelf gestreken terug in de zak. Zoek jezelf een opvallend exemplaar, dan zie je’m makkelijk klaarliggen.
linnenzak

Nekkussentje: ik vond mijn geweldig nekkussen Ponzu (onze trouwe reisgezel) in Vietnam, en is sindsdien overal mee naartoe gesleurd. Ongelofelijk handig op al die lange busritten (vaak ook om even onder je pijnlijk moegezeten derrière te leggen). Er bestaan ook van die opblaasbare exemplaren, maar die vind ik bijlange niet zo comfortabel.

backpacking asia - 02
Onze trouwe reisgezel Ponzu…

Toiletzak met hanger: zo’n modelletje met een kapstok aan, komt wederom weer zo goed van pas, je vindt altijd wel een plekje om hem op te hangen, en moet hem bijvoorbeeld nooit in de nattigheid zetten. En aangezien een douche boven het toilet een gegeven is in Azië (en een kletsnatte badkamer bijgevolg) is het dus geen overbodige luxe!

Dunne, sneldrogende handdoek: spreekt voor zich, niet? Te vinden in de betere avonturenwinkel. Een mooie aanvulling daarbij is een licht lakentje: als picknick-dekentje, om onder te slapen, als sarong in tempels (ook voor de mannen nodig in Indonesië!), strandlaken of ook als handdoek. Uiteraard overal in Azië in elk soortement hippie-pantroontje dat je je maar kan inbeelden te vinden.
OLYMPUS DIGITAL CAMERA
In Bali krijg je in elke tempel een sarong rond…
OLYMPUS DIGITAL CAMERA
Sommige mensen gaan er ook echt helemaal over!

Je rugzak zit nu al bijna halfvol met overlevingsspullen waar Macgyver jaloers op zou zijn, maar uiteraard moeten daar ook nog kleren bij! En echt, in Zuid-Oost Azië is het nu eens altijd pokkewarm! Behalve in de bergen. Maar regenseizoen of niet, warm is het altijd! Dus 1 trui is echt wel meer dan genoeg (kaptrui met rits)! En dan ook nog:

Hoofddeksel. En hoe hip een strooien hoed ook lijkt, ’t gaat echt niet lang mee. Een petje dus!
OLYMPUS DIGITAL CAMERA backpacking asia - 12
Een hoedje is leuk, maar je kan het niet in je rugzak steken. Gaat dus vrij snel kapot…

Deftige regenjas. Ademend, dun en superwaterdicht. Van The North Face bijvoorbeeld. Je kan vaak ook knock-offs in Vietnam en Cambodia vinden, die jassen worden daar namelijk gemaakt.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA
Overal verkopen zo ook poncho’s, maar die gaan gemiddeld 1,5 dag mee…

T-shirt met lange mouwen. Tegen de muggen ’s avonds uiteraard, echt onmisbaar! Ik had dat vergeten, dus moest ik mij tevreden stellen met wat ik in een winkeltje kon vinden. Frederic was wel wat jaloers!
Gemarkeerd - 7
Mijn anti-muggen outfit, ditmaal geshowd door Frederic

Ritsbroek (of toch op z’n minst een deftige lange wandelbroek). Voor de dagtrippers van het eerste uur. Onmisbaar als je door de jungle wandelt. Je steekt trouwens best ook je broek in je kousen (+5 hipsterpunten!) tegen de bloedzuigers, those suckers!

Schoenen: een moeilijke! Ik zou echt niet zonder mijn wandelschoenen, teva’s of flipflops gekund hebben, maar vooral die wandelschoenen nemen natuurlijk plaats in! Op reis zagen we veel mensen die lage, sportschoen-achtige wandelschoenen hadden (in fluo kleurtjes). Wel handig, maar hoe goed zijn je enkels dan beschermd? Neem trouwens ook een 3-tal paar deftige wandelkousen (voor de zomer) mee, 1 paar is echt niet genoeg als je iets als The Gibbon Experience gaat doen. Teva’s heb je dan weer nodig voor in het water, en flip flops voor al het andere. Damn, ik mis elke dag rondlopen op flip flops, zo zalig!
OLYMPUS DIGITAL CAMERA
Kep
Deftig schoeisel, wij geloven erin!

En voor de rest natuurlijk t-shirts, marcellekes en shorts, in lichte stofkes. En een kleedje! Ik vond deze handig truc om kleren compact en handig op te rollen. Ik was daar zeer bedrijvig in, in ’t begin. Ik heb het ongeveer een week volgehouden. Maar toch, heel wat extra travelcred voor wie kan rangerrollen!
backpacking asia - 01

P.S. voor de ladies: tampons vind je bijna nergens! Hamsteren thuis dus. Ideaal ook om kampvuurtjes te maken, zou Bear Grills zeggen.

Meer Posts