tumblr_lwiaz6IQ091qe0430o2_12801-764x1024

De wijnwijven gaan vreemd: trappisten-proeverij

Kleine paniekgolf bij De Wijnwijven toen één van onze founding members aankondigde dat ze in blijde verwachting was! Maar… ze heeft het met waardigheid gedragen en als een ware wijnproever alles netjes in een bakje uitgespuwd, respect!

Een volkswijsheid gaat dat een trappist goed is om de melkproductie op gang te krijgen, nu niet echt nodig zo, maar elk excuus is goed om eens een variatie te doen op onze wijnthema’s, dus: trappist!

En nu wil het dat onze zesta.be-bierman Ben Vinken nét een boek heeft gemaakt samen met Michel Van Tricht, dé kaaswinkel om mijn hoek (en trouwens de beste van Europa), ideaaaal! Bier combineert namelijk héél goed met kaas, veel beter dan met wijn, zoals iedereen standaard denkt.

tumblr_lwiaz6IQ091qe0430o1_1280 In de introductie van het boek: ‘In rode wijnen zitten te veel tannines, die vechten met uitgesproken kaassmaken, en meestal het onderspit delven. Vooral zure, droge en hergiste bieren snijden door het vet van de kaas en maken hem lichter, maken als het ware ook de mond schoon, laten de smaakpapillen beter hun werk doen. De kaas overheerst het bier niet, maar vormt er een mooie harmonie of juist een contrast mee’.

In de wijnwijven-traditie bracht iedereen één soort trappist mee, en kon ik als surplus nog 2 West-Vleterens bemachtigen via de mama van collega @elidesc, waarvoor nogmaals mijn dank!

In de koeling stonden aldus klaar (helaas kon één wijfje niet): Westmalle Triple, Blonde Achel, La Trappe Quadruple, Orval en West-Vleteren Twaalf (donker). Aan de hand van het boek ’50 wijn & bier-combinaties’ kon ik dus uitzoeken welk kaasje daar nu lekker bij smaakt.

We begonnen met de Westmalle, met een stukje Mimolette-kaas bij: een oranje, hele harde Noord-Franse kaas, die toch verrassend zacht smaakte. Een goed begin! Vervolgens openden we een flesje blonde Achel, die meteen tot mijn favoriet werd gekroond. Hij heeft veel weg van Westmalle (wordt blijkbaar met dezelfde gist gemaakt), maar smaakte nog iets milder. Daarbij kwam Neufchâtel-kaas, een Normandische wit-schimmelkaasje dat erg lekker maar ook –hoe moet ik dat nu juist verwoorden?- vrij agressief in de mond smaakt: het maakte als het ware de binnenkant van mijn mond een beetje ‘voos’. Gelukkig bracht die heerlijke Achel daarbij soelaas.

De volgende trappist die eraan moest geloven was de Orval. Daarbij raadde meneer Van Tricht ons ‘Pas de Rouge’ bij aan: een halfharde koekaas uit Gent. De kaas had een zweem van de alombekende Chaumes, maar dan met een veel complexere afsmaak. Orval was naar mijn mening misschien iets te bitter, maar in combinatie met die kaas kwam dat weer helemaal op zijn pootjes.

Ondertussen toch al lichtjes verzadigd werd de La Trappe geopend, samen met de kaas ‘Langres Fermier’. Om eerlijk te zijn – een beetje zoals het altijd gaat na enkele glazen bij de wijnwijven- kan ik me de smaak niet echt meer erg goed herinneren. Het was in ieder geval een zeer goede combinatie!

En dan was er natuurlijk nog ‘le moment suprême’: het proeven van het beste bier ter wereld: de Westvleteren. Westvleteren komt niet aan bod in het boek, en ergens is dat misschien wel begrijpelijk omdat dit bier zo uniek is, dat je het best zo proeft. Dit prachtig ambergekleurde bier rook anders dan ik al ooit geroken had, ik kan het echt moeilijk omschrijven, maar ik detecteerde zwemen van cacao en graan. En dan die smaak, dju toch, hoe moet ik dat nu uitleggen? Vol, complex, zwaar maar ook zacht, een beetje paradoxaal an sich.

Kortom, deze ‘scheefpoeperij’ van de wijnwijven was zéér interessant, en ook leuk nieuws dat er nog zoveel andere dranken te exploreren zijn… Alcoholwijven klinkt natuurlijk helemaal niet, dus houden we het de volgende keer bij bubbels. Santé!

Gerelateerde Artikels:

Maes Radler
De wijnwijven, deel 1: Merlot
Gegrilde camembert met broodbolletjeskrans

Plaats een reactie